Op klassieke schouders

Vorige week bezocht ik in het British Museum de tentoonstelling ‘Rodin en de kunst van het klassieke Griekenland’. Een buitenkans van bovenmaatse proporties, omdat ik daar de beelden van Auguste Rodin kon zien naast die van het Parthenon. Om opnieuw te ontdekken dat ook (of misschien wel juist) de grootste kunstenaars altijd op klassieke schouders staan.

Dat de klassieke Griekse beeldhouwkunst een belangrijke inspiratiebron voor hem was stak Rodin niet onder stoelen of banken: “Ik hou van de beelden uit het klassieke Griekenland. Zij zijn en blijven mijn meesters.” Hoezeer dit waar was kon ik in London goed zien. Bijvoorbeeld bij een van Rodin’s eerste grote beelden, Het Bronzen Tijdperk, dat ik goed ken omdat het Gemeentemuseum er ook een van bezit. Een prachtig beeld van een trotse man in de kracht van zijn leven. Dit beeld is zo levensecht dat Rodin ervan beticht werd een afgietsel van de man te hebben gemaakt. Een onterecht verwijt, omdat hij dit beeld wel degelijk zelf modelleerde. Met, zo zag ik in Londen, een klassiek voorbeeld in gedachten. De karakteristieke houding van de op het hoofd rustende rechterhand is namelijk direct afgeleid van een detail van het Parthenon-fries (zij het dat het daar de linkerhand betrof).

Die schatplichtigheid van Rodin aan de klassieken bevalt me, omdat je zo klip en klaar ziet dat grootse prestaties altijd geworteld zijn in het verleden. En dat is in ons werk niet anders, alhoewel de schatplichtigheid daar over het algemeen wat minder expliciet gevierd wordt. Zo kwam ik er laatst achter dat een van mijn favoriete uitspraken van Feike Sijbesma net zo zeer wortelt in de klassieken als Rodin’s ‘Bronzen Tijdperk’. “Je kunt niet succesvol zijn in een wereld die faalt”, zei de CEO van DSM onder andere in het FD van 13 mei 2016. Nu weet ik niet of Sijbesma zich er bewust van is of niet, maar deze stelling lijkt  geïnspireerd te zijn op een boek dat tweehonderdveertig jaar eerder is gepubliceerd: “No society can surely be flourishing and happy, of which by far the greater part of the numbers are poor and miserable.” Een citaat dat elke econoom (in ieder geval in een ideale samenleving) direct herkent, aangezien het afkomstig is uit The Wealth of Nations (Adam Smith, 1776), het ideologische handboek van het moderne kapitalisme.

The Wealth of Nations lijkt me een belangrijk klassiek boek om uit de kast te halen nu het CBS anderhalve week geleden de Monitor Brede Welvaart heeft gepubliceerd. “Onze brede welvaart in het ‘Hier en Nu’ is relatief hoog”, staat daarin te lezen, “Nederland teert echter wel in op natuurlijk en menselijk kapitaal en legt druk op het milieu en de niet-hernieuwbare grondstoffen in andere landen”. De harde conclusie van Sijbesma en Adams blijft nog uit, maar ook het CBS lijkt zijn boodschap uiteindelijk duidelijk klassiek te grondvesten: als niet alle elementen van welvaart in de plus staan, zal een samenleving nimmer bloeien. Het zou mooi zijn als de beleidsreactie hierop ook op de klassieke schouders van Smith staat.

© Martin Lok (27 mei 2018)


Gegevens kunstwerken
Naam: Unmounted youth preparing for the cavalcade - Detail of block XLVII of the Parthenon North Frieze
Wanneer is het gemaakt: ca 438-432 vChr
Materiaal: Marmer
Waar te vinden: British Museum

Naam: Het Bronzen Tijdperk 
Maker: Suguste Rodin
Wanneer is het gemaakt: 1877 
Materiaal: Brons, gietsel Alexis Rudier voor 1906 
Waar te vinden: Musée Rodin

Deze column is ook gepubliceerd op de Intranet-site van de ministeries van Economische Zaken & Klimaat en Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *

This site uses Akismet to reduce spam. Learn how your comment data is processed.